|
|---|
La ferme pour les enfants a été créee dans les années 70. Auparavent, il y avait déjà un âne qui était placé sur l'une ou l'autre pelouse. Petit à petit, des animaux divers vinrent s'ajouter à la ferme. Avec ses 500 enfants et 200 adultes, la cuisine du préventorium avait beaucoups de déchets. Même des cochons ont été élevés. Le but était de vendre les produits de la ferme et de devenir ainsi auto-suffisant. La ferme devint une asbl Zeewinde, ne pas comfondre avec Windekind, qui est la salle de sports de l'école, située tout au milieu du batiment, au dessus de ce qui était dans le temps “La Ruche”.

Dans les document destinés au public (comme Triton), la ferme est déclarée de grande utilité pour les enfants: "éveil des enfants, sens des responsabilités, contact avec des allergènes,...". Nombre d'enfants préféraient travailler à la ferme que de faire du sport. A présent, Windekind n'existe plus, les batiments servent de remise.
In de mededelingen naar de buitenwereld (zoals in Triton de magazine van de Vrienden van het zeepreventorium) wordt groot belang aan de hoeve gehecht: "aktivering van de kinderen, verantwoordelijkheidszin, contact met mogelijke allergenen,...". Windekind wordt tegenwoordig niet meer gebruikt, de gebouwen worden als opslagplaats gebruikt.
peter |
De tweede ezel zijn naam weet ik niet meer noch van de pony. De ezel moest weg omdat hij was uitgebroken uit zijn stal (het was in de voormiddag en er was school), het dier was één en al een zenuwpees, en had de pony aangevallen en in zijn nek ferme bijtwonden in gehouwd. De vriendelijke pony had geen schijn van kans omdat deze zich niet kon verdedigen daar hij zichzelf al grazend rond de waterput was gewandeld en zich vastgesnoerd had aan zijn touw. Deze ezel ging zonder pardon naar de George Born. Er was ook een dikke geit Biquette genaamd die op het terrein los liep en de vriend was van iedereen een graag geaaid gast. Op een dag stond er in het krantje dat onze Biquette jonkies had gekregen tot vreugde van velen. Het was toen wel 1 april en Biquette was een mannetje velen liepen er in “gelukt”. Herinnerde mij nog een mankende Barbourie eend voor een paar dagen en weg was zij op een bepaalde dag met meerdere lotgenoten van de hoeve belanden deze op het fornuis van de keuken er was een eendenavond voor een groep 1 was anders niet genoeg. Ook schapen die gekoesterd werden belanden onder het slagersmes en werden aan t’ spit klaargemaakt, hmmmm dat was lekker met brood erbij. Een zwerfhond heb ik ook noch gekoesterd een witte met zwarte plekjes sliep in het hooihokje rechts van het hoevegebouw. OP een dag moest hij weg wegens een ziekte aan zijn darmen. Over Jules spreek ik later nog wel. |
Hij kreeg een plaats toegewezen aan het varkenskot waar het hooi was opgeslagen, een deel verhuisde dan naar de zolder. Van de hoeve was op dat moment nog onbestaande. Gustje was de verzorger er van en kreeg ook een mooie trekkar in groen geschilderd (gebruikte anders een soort smalle en lange stootkar met rubberen banden) waar Gustje met de ezel het keuken en restenafval (in kuipen) van de kinderen en mee-eters bij de afwas afdeling ging ophalen voor zijn zwins (varkens). Ook gewoon afval ging hij ophalen om in een verbradings bunker in te deponeren aan de bovenkant. Deze bunker smeulde de klok rond. Met Gustje heb ik ook diverse malen zijn toer gedaan met de ezel. Zwinnekoten gekuist och het was en waren geestig en onvergetelijke tijden als soms ook eens zo een slachtrijpe beer of zeug achter je zat omdat ik deze plaagde met een lans water doch wel om hen proper te krijgen was lopen geblazen en over het muurtje springen was je redding doch ja enkele ogenblikken later stond je daar weer op de werkvloer en het verhaal herhaalde zich. Waar zijn die goede oude tijden gebleven en herinneringen blijven voorleven als een historisch gebeuren. |
Code à introduire![]() In te geven kode |
|---|