Filmbespreking
Het huis in de duinen
Zeepreventorium
Home » Diverse instellingen » Noctiluca Miliaris » Filmbespreking Het huis in de duinen

Huis in de duinen

Filmbespreking op de site van Ons Erfdeel (1972)

Het huis in de duinen: een kontestatiefilm?

Uiteraard vraagt een pedagogische film een totaal andere aanpak dan een eksperimentele. Toch is de kineast erin geslaagd een boeiende film te maken. Dit bereikte hij allereerst door zijn oorspronkelijk scenario, dat als een raamvertelling het informatieve gedeelte omsluit: een door zijn opvoeder getiraniseerde knaap komt in verzet tegen de autoritaire opvoedingsmetode. Hij slaat zijn schoolbank aan splinters. Met het wrakhout wordt op het einde van de film een boot gemaakt, waarmee de nieuwe Colombussen en Magelaans zee kiezen... Het symbolisch karakter van dit rudimentair filmverhaal wordt onderstreept door de tegenstelling zwartwit (het achterhaalde schoolsysteem) - kleur (de bevrijdende pedagogie die de verbeelding en de kreativiteit een kans geeft). De sterk geritmeerde montage en de zeer beweeglijke kamera verlenen de aanvangssekwens een verrassend eksperimenteel karakter, wat deze medisch-pedagogische dokumentaire meteen verheft boven het produkt dat we op dit gebied meestal te zien krijgen.

Het informatieve gedeelte over de organisatie van de school, de medische verantwoording van het kussensysteem, dat de traditionele lessenaars vervangt, en de opvoedingsmetodes liet Jean Mil minder mogelijkheden om zijn artistieke verbeelding technisch te realiseren. Een regelmatig terugkerende klose-up van het jongentje van de aanvangssekwens zorgt voor de binding tussen begin en slot. Elke eentonigheid werd vermeden door een vlot gemonteerde afwisseling van binnen- (klasaktiviteiten, gefilmd met een rustige, bijna statische kamera) en buitenopnamen, die meestal gewijd zijn aan het spelelement in de opvoeding (een dynamische kamera die de ruimte aftast, waarin de duinen, de zee, de meeuwen).

Deze film is een pleidooi voor een vernieuwde pedagogische aanpak; een poging om het voorbijgestreefde klasbeeld te doorbreken en de bevrijdende ontplooiing van het individu te stimuleren. Het opvoedingskoncept ligt in de lijn van de opvattingen van de moderne pedagogen als Célestin en Elise Freinet, Fernand Oury en Aïda Vasquez: de school moet een leefcentrum zijn, waar zowel geestelijk als manueel aan groepswerk gedaan wordt, en waar de opvoeder een raadgevende vriend is.

De grote waarde van het spel in de opvoeding wordt benadrukt. De homo ludens moet in onze maatschappij, en in de eerste plaats in het onderwijs weer gewaardeerd worden door de kreativiteit van het kind te ontwikkelen: het spelen van de leerlingen met klanken (samen met de pianist François Glorieux) en kleuren (de talrijke muurschilderingen). De school is een prettige, open leefruimte waar men werkt, denkt en vooral speelt.

Een biezonder geslaagde opname-sekwens beklemtoont dit pedagogisch koncept: de kamera toont in één trage beweging respektievelijk het beeld van een auto (symbool van onze industriële konsumptiemaatschappij), een muur die de schoolruimte afbakent (scheiding nuttigheid - kreativiteit) en de kindertekeningen op het lagere deel van deze muur (de vrije, kreatieve wereld van het kind). Bij deze dialektische beeldmontage is een interessante tekst van Walter Debrock als kommentaar gebruikt:

“Nuttigheid of kreativiteit? Niet het systeem dat de meeste materiële goederen produceert, doch dit dat meer kreatieve levensinhoud als autonome menselijkheid brengt, zal de wedloop tussen de maatschappelijke systemen winnen. In een beschaving, die door de wetenschap wordt gestuwd en vernieuwd, in een industrie-maatschappij, die leeft om te produceren, is het zo, dat de rationele gedachte de voorrang krijgt en met het leeuwenaandeel in vorming, opvoeding en onderwijs gaat lopen. Intelligentie en abstraktie leven te zeer gescheiden van intuïtie en verbeelding. Ze moeten met elkaar worden verzoend. Noch de arbeidende mens, noch de denkende mens, noch de eenheid van beiden is de ganse mens. Wat niet ontbreken mag, is de spelende mens.” Dit is meteen de kerngedachte van Het huis in de duinen, die aldus het al te pragmatische karakter van het onderwijs in onze technologische samenleving aanvecht.

Een jaar lang heeft Jean Mil samen met Dr. Alexander en het personeel van diens instelling aan deze film gewerkt. Zijn inspanningen werden beloond. Het huis in de duinen haalde als enige van de vier Belgische inzendingen de Prix de mérite op het festival van de opvoedkundige film te Teheran (1972). In Nederlandse, Engelse en Franse versie gaat hij in het buitenland heel wat sukses tegemoet.

Dank zij het privé-initiatief van Luc Peire en Dr. Alexander is Jean Mil als kineast aan zijn trekken gekomen. Inmiddels is hij er echter nog steeds niet in geslaagd zijn filmprojekt Proeve tot filmopvoeding, een film die zou handelen over de mogelijkheden van aktieve filminitiatie bij jongeren, waarmee hij reeds jarenlang bezig is te realiseren. Hopelijk beschikt het Ministerie van Nationale Opvoeding weldra over een filmkommissie, die in staat is Mils opvoedingsprojekt vakkundig te onderzoeken. Dat het Ministerie van Kultuur filmmakers financieel steunt, is een goede zaak, maar ook de filmkonsument heeft recht op de noodzakelijke vorming. Zal men bij de vernieuwing van het onderwijs tijdig inzien, dat men in een wereld die steeds meer afgestemd is op het beeld de filmopvoeding niet over het hoofd mag zien?

Wim de Poorter, Brugge
Bron: Ons Erfdeel. Jaargang 15. Stichting Ons Erfdeel, Rekkem / Raamsdonk-dorp 1972

Let op de in die tijd toegepaste 'progressieve spelling'...

Deze film is nog steeds te verkrijgen, bestelinformatie Huis in de Duinen op deze pagina.

28.08.2013 - 17:34:58 Baert Dirk
Het huis in de duinen:

het blijkt dat die kortfilm verkrijgbaar is op DVD
is nog te verkrijgen

ik was in het zeepreventorium in de jaaren 1974 tot einde 1977
het was een mooie tijd

Code à introduire

In te geven kode